Het menu voor deze site gebruikt javascript. Dit lijkt niet te werken in deze configuratie of niet te zijn geinstalleerd.

Vergaderruimten  Tijdelijk verblijf   Tarieven  Brochures  Nieuws 
Reuma  arrowGGG-pas  arrowOver Groot Stokkert  Vacatures  Links  Sitemap  arrowKvK 

Wie is er voor mij?

Een afgeladen Jan van Breemenzaal in ECR ‘Groot Stokkert’, met uiterst rechts drs. Irmgard van Dixhoorn-Verhoeven.
Een waardevol boek en een steun in de rug bij succesvol ouder worden.

Onder grote belangstelling vond op vrijdag 20 oktober 2006 in ECR ‘Groot Stokkert’ de officiële boekpresentatie plaats van ‘Wie is er voor mij?’, geschreven door RAZ/ECR-psychogerontoloog drs. Irmgard van Dixhoorn-Verhoeven. Met ruim honderdvijfig aanwezigen, waar onder een groot aantal GGG-leden, was de Jan van Breemenzaal tot de achterste rijen gevuld. Zij waren getuige van een middag die met een aantal inleidingen aanvankelijk informatief begon, maar gaandeweg een steeds feestelijker karakter kreeg. En terecht, want zo vaak komt het niet voor dat er een toegankelijk en praktisch boek wordt gepubliceerd over ‘succesvol ouder worden’.

De middag werd geopend door mevrouw W. Bolta, voormalig voorzitter van de provinciale KBO en voorzitter van de Raad van Commissarissen van een woningbouwvereniging.

Dagvoorzitter mw. W. Bolta.

Zij was bijzonder verheugd over de hartverwarmende interesse voor deze gebeurtenis èn over het feit dat mensen uit alle windstreken van Nederland hier vertegenwoordigd waren. Bolta: “Het geeft aan dat de stichting RAZ en ECR, ondanks hun betrekkelijk korte bestaan van vijf jaar, nu al een landelijke belangstelling geniet. En dat belooft wat voor de toekomst!”, benadrukte de dagvoorzitter, die vervolgens het woord gaf aan mr. P.A.W. Bijleveld, grondlegger en algemeen manager van deze jonge en innovatieve service- en zorgorganisatie.

ECR in vogelvlucht

Mr. P.A.W. Bijleveld: “Begeleiding van zorgvragers moet anders.”.
De heer Bijleveld opende zijn inleiding over de totstandkoming en groei van European Care Residences (ECR) met een niet onbelangrijke mededeling, namelijk dat hij blij was te gast te zijn bij ECR ‘Groot Stokkert’, het eerste viersterren zorghotel in Nederland. Hij gaf daarbij aan dat de RAZ niet voor het eerst voorop loopt in de zorg: als eerste in de sector verwierven RAZ en ECR in 2004 het ISO/HKZ-certificaat, de nationale en internationale kwaliteitsstandaard in de zorg. Bijleveld: “Als betrekkelijk jonge organisatie maken we een stormachtige ontwikkeling door. Zo is begin dit jaar ECR ‘Groot Stokkert’ erbij gekomen en in maart dit jaar ECR ‘De Keizershof’. Verder openen we eind dit jaar de deuren van Care Holidays Heino, waar de RAZ verantwoordelijk wordt voor de 24-uurs service en zorg die op afroep ter beschikking staat van alle gasten van dit bungalowpark. In de loop van volgend jaar kunnen mensen voor vakantie,  zorghotel en (semi) permanent verblijf ook in de Bourgogne in Frankrijk terecht. En last but not least bevordert de RAZ de mobiliteit van mensen met en zonder beperkingen via haar eigen reisbureau, European Care & Travel Agency, ECT Vakanties.
Ook de medewerking die wij hebben verleend aan de totstandkoming van het boek ‘Wie is er voor mij?’ – de RAZ is uitgever van het boek - past geheel in onze filosofie, waarin wonen en zorg gescheiden zijn, zorgvragers maximale privacy en autonomie hebben en onze services en zorgdiensten 24 uur per dag beschikbaar zijn, voor alle leeftijden en voor alle zorgvragen. De specifieke aanpak die onze psychogerontologen in de ECR’s voorstaan, laat zien dat het in de begeleiding van zorgvragers ook anders kan, nee, anders moet…”, aldus Bijleveld. 

Kunst van het ouder worden
‘De kunst van het ouder worden’.Onder die titel presenteerden hoofddocent Gerben Westerhof en onderzoeker Anette Custers, beiden werkzaam aan het Centrum voor Psychogerontologie aan de Radboud Universiteit Nijmegen, hun inleidingen. Westerhof concentreerde zich daarbij op de ouderen die (nog) zelfstandig in het leven staan, Custers onderzocht vooral de mate van levenskunst bij ouderen die een deel van hun autonomie in het verpleeghuis hebben moeten opgeven.

Westerhof: “Het overwegende beeld van ouder worden in onze samenleving is negatief. Zo wordt de ‘vergrijzing’ als een schrikbeeld gezien en ook in onze taal vind je allerlei negatieve verwijzingen (‘Ouderdom komt met de gebreken’). Mensen hebben allerlei stereotype opvattingen over wat het betekent om oud te zijn. Daarbij staat ‘verlies’ vaak op de voorgrond. Verlies van werk, verlies van familie, verlies van de eigen gezondheid, het naderend levenseinde etc.

Hoofddocent G. Westerhof: “Ouderen zijn goed in het opmaken van de (levens)balans.”
Dit blijkt vooral een visie van buitenaf te zijn. Onderzoek wijst namelijk uit dat ouderen zich over het algemeen goed voelen, ondanks de negatieve stereotypen en de toenemende disbalans tussen ‘winst en verlies’. Het is dus van belang om in de huid van de ouderen te kruipen om meer te weten te komen hoe het echt met ze gaat.”

Westerhof maakte vervolgens duidelijk dat de verlieservaringen van ouderen in het dagelijks leven niet ontkend kunnen worden en dus van invloed zijn op het welbevinden van ouderen. Maar uit zijn onderzoek kwam ook naar voren dat de mate van ‘levenskunst’ een veel groter aandeel heeft in het welbevinden van ouderen. Westerhof: “Levenskunst bestaat uit een aantal factoren. Bijvoorbeeld het onderkennen van de relativiteit, het onderscheiden van het wezenlijke, waardoor ouderen ‘kunstenaars’ worden in het verwerken van negatieve emoties. Het loslaten, waardoor ouderen doelen kunnen veranderen of opgeven. Autonoom zijn in verbondenheid, zelf keuzes kunnen maken, eigen maatstaven hanteren. En het laatste punt is: een geïntegreerd levensverhaal, het opmaken van de balans en zien wat er van je leven terecht is gekomen. En in deze vaardigheid, die blijkens onderzoek belangrijk bijdraagt aan het welbevinden en zelfs aan het lichamelijk functioneren, scoren ouderen goed. Om de belangrijkste conclusie in één zin samen te vatten: de levenstevredenheid van ouderen verschilt niet veel van die van mensen van middelbare leeftijd.”

Veel verpleeghuisbewoners zijn ongelukkig
Bij ouderen in verpleeg- en verzorgingshuizen is er iets anders aan de hand. Onderzoekster Anette Custers: “Als we kijken naar de tevredenheid van verpleeghuisbewoners noemt slechts de helft zich gelukkig. Een kwart van de bewoners is echt ongelukkig. Ook de depressiecijfers in verpleeghuizen tonen aan dat welbevinden lager ligt. Vergeleken met ouderen in de algemene bevolking komt een depressie 3 à 4 keer vaker voor in (somatische) verpleeghuizen.”

Onderzoekster Anette Custers: “Het welbevinden van bewoners van verpleeghuizen wordt sterk op de proef gesteld.”

Het welbevinden van bewoners van verpleeghuizen lijkt dus sterk op de proef te worden gesteld. Custers: “Om een gevoel van welbevinden te hebben, zijn drie psychologische basisbehoeften van belang: competente (geloof in eigen kunnen), verbondenheid (sociale contacten) en autonomie (controle). Deze basisbehoeften veranderen op het moment dat ouderen in een verpleeghuis komen. Zo geeft 60% van de bewoners aan dat ze niet tevreden zijn over hun sociale contacten. Ook ervaren bewoners weinig controle over het tijdstip van eten en opstaan en een beetje controle over toiletgang, tijdstip van naar bed gaan, douchen en kledingkeuze.”
Onderzoekster Custers benadrukte dat het autonomiegevoel bij bewoners zo veel mogelijk moet worden gestimuleerd, maar dat de wijze van interactie tussen verzorgden en bewoners dit vaak in de weg staat. “Het komt vaak voor dat afhankelijk gedrag van ouderen wordt beloond en ook dat onafhankelijk gedrag juist wordt genegeerd. Ook het gebruik van baby-talk (als tegen een kind) is autonomiebeperkend, terwijl we juist willen dat ouderen zoveel mogelijk de regie over hun leven willen laten houden.”

Na een korte pauze werd het woord gegeven aan Mary Michon, actrice, publiciste, programmamaakster en, bij deze gelegenheid, ceremoniemeester van de feestelijk boekpresentatie. Na een zwierige introductie vol lofuitingen over boek en auteur nodigde zij vervolgens drs. Irmgard Van Dixhoorn-Verhoeven uit op het podium te komen, waarna zich een levendig gesprek ontspon.

Michon: “Waarom heb je dit boek geschreven, wat wil je er mee bereiken?”
Van Dixhoorn: “In eerste instantie wil ik inzicht geven in wat het ouder-worden eigenlijk inhoudt aan mensen in de directe omgeving van ouderen, zoals familie, verzorgenden en mantelzorgers. De psychogerontologie bevat heel veel kennis over het verouderingsproces waar veel mensen niet of onvoldoende vanaf weten..Zo zijn er veel mogelijkheden voor begeleiding en ondersteuning die helpen bij het leren leven met beperkingen, afscheid nemen, verlies en zwaarte van het bestaan. Ook wil ik een reëel beeld geven van de mogelijkheden voor aangepast wonen en wil ik de verkeerde beeldvorming en taboes daarover veranderen, zodat de weg voor hulp vragen makkelijker en toegankelijker wordt.”

Michon: “In je boek beschrijf je hoe je met (dementerende) ouderen om moet gaan; hoe uniek is die ‘aanpak’ eigenlijk?
Van Dixhoorn: “”De gerontologie is natuurlijk een algemeen bekend vakgebied en er zijn veel psychologen voor ouderen, maar mijn werkwijze heef toch iets aparts. Zo speelt het levensverhaal (biografie) van de oudere een heel belangrijke rol in mijn contacten met ouderen en in de wijze hoe ik hen benader. Het is een uitgesproken procesgerichte aanpak, waarbij ik mij zo goed mogelijk afstem op hun belevingswereld en waarbij ik mijzelf in de gesprekken vertraag en rustig zoek naar mogelijkheden waarmee zij iets beter de regie in handen kunnen houden en gebruik kunnen maken van onze hulp. Dit pas ik toe bij elke oudere, ongeacht de cognitieve achteruitgang.”

Michon: “Dit boek schrijf je niet zomaar op een achternamiddag. Wat is je gedurende het schrijfproces het meest bijgebleven?”

Drs. Irmgard Van Dixhoorn (rechts) neemt eerste exemplaar van ‘Wie is er voor mij?’ in ontvangst van mevrouw M. Scholts namens de stichting RAZ. ”
Van Dixhoorn: “Wat ik heel bijzonder vind is dat de directie van RAZ/ECR zo veel prioriteit wil geven aan de publicatie van het boek en ook aan deze omvangrijke presentatie voor zoveel mensen. Bijzonder vind ik ook dat zij een uitermate positieve instelling heeft over de rol van de psychogerontoloog in de organisatie. Het is heel opmerkelijk dat in een woon-zorgvoorziening een psycholoog zo dicht bij de bewoners en hun directe omgeving kan staan. Wij zijn immers geen verpleeg- of verzorgingshuis. Het besef dat je betekenis mag geven aan de manier waarop mensen het ouder worden ervaren, treft mij altijd weer.”


Laatste Nieuws
Op dit moment zijn de auteur van ‘Wie is er voor mij?’, de directie van de RAZ en een aantal wetenschappers van de Radboud Universiteit Nijmegen met elkaar in gesprek over vervolgstappen. Die zullen het volgende gaan inhouden:

Cursussen voor verzorgenden die met de in het boek beschreven problematiek te maken hebben.
Cursussen en gespreksgroepen voor relationele betrekkingen van mensen die met de in het boek beschreven problematiek te maken hebben.
Cursussen voor mantelzorgers die met de in het boek beschreven problematiek te maken hebben.
Dagverzorgings- en –behandelingsgroepen organiseren op de verschillende ECR’s die werken volgens de methode Van Dixhoorn.
Praat- en lotgevallengroepen

Het boek van mevrouw Van Dixhoorn zal daarbij uiteraard als basis dienen. De Radboud Universiteit is gevraagd te onderzoeken welke resultaten de werkmethode van Van Dixhoorn teweeg brengt.

U bent geïnteresseerd in ‘Wie is er voor mij?’ Vraag het boek aan bij de stichting RAZ via (030) 210 83 73. De kosten bedragen € 17,50 inclusief verzendkosten.

Klik hier voor meer foto’s van de boekpresentatie


spacer
Geniet-, Gemaks- en Gebruikerslidmaatschap
spacer
ISO gecertifieerd
spacer

spacer
50 jaar ECT Vakanties
spacer spacer
Wijzig lettergrootte   
Druk deze pagina af  
ECREuropean Care Residence & Resort …’Persoonlijke zorg voor wonen en leven’…